TU Delft
Jaar
Druk deze pagina af Druk deze pagina af     
NEDERLANDSENGLISH
Organisatie
2016/2017 Elektrotechniek, Wiskunde en Informatica Bachelor Technische Informatica
TI3806
Bachelorproject
ECTS: 15
Verantwoordelijk Docent
Naam E-mail
Ir. O.W. Visser    O.W.Visser@tudelft.nl
H. Wang    H.Wang@tudelft.nl
Contacturen / week x/x/x/x
0/0/0/X
Onderwijsperiode
4
Start onderwijs
4
Tentamenperiode
n.v.t.
Cursustaal
Nederlands
Voorkennis
- OO-Programmeren en OOP Project (TI1206 and TI1216)
- Softwarekwaliteit en Testen (TI1706)
- Software Engineering Methods (TI2206)
- Contextproject (TI2806)

Daar het Bachelorproject bedoeld is als afronding van de Bachelor opleiding dient een groot deel van de Bachelor opleiding te zijn voltooid bij aanvang van de uitvoering van het Bachelorproject (zie ook onder Toelatingseisen).
Vakinhoud
Het BSc-project kent 3 fasen:
- een onderzoeksfase waarin men zich verdiept in het probleem en de methoden om het probleem op te lossen en waarover een kort rapport (5-10 bladzijden) geschreven wordt,
- de fase van de eigenlijke software ontwikkeling waarin men de oplossingsmethode modelleert, implementeert en test,
- een afrondingsfase waarin centraal staat het goedkeuren van het projectverslag, de evaluatie door SIG en het houden van een voordracht

Het bachelorproject heeft de vorm van een echt ontwikkelproject voor een cliŽnt (bedrijf of andere organisatie), waar de studenten in groepsverband (~4) onder begeleiding van een opdrachtgever (mentor) en onder de supervisie van een informaticadocent van de eigen opleiding (begeleidend docent) een software ontwikkelproject uitvoeren. Daarbij dient een projectmatig gefaseerde ontwikkelmethodiek gevolgd te worden (bv Scrum en Behaviour Driven Development).

In overleg met de coŲrdinatoren van het vak vormen de studenten groepen en kiezen een opdracht. De begin- en einddatum worden vastgelegd. Men dient zelf te letten op de doorlooptijd en de tijdbesteding van het project. Maak hiervoor duidelijke afspraken met alle betrokkenen.

Vervolgens maken de studenten een afspraak met de begeleidend docent voor het verder in detail bespreken van de opdracht. De begeleidend docent zal hierbij richtlijnen geven voor de aanpak en de uitvoering van de opdracht.

Tijdens de uitvoering van het project is de mentor van het bedrijf verantwoordelijk voor de keuze van de te implementeren oplossing. De begeleidend docent kan hierbij wel adviseren.

De bedoeling van het bachelorproject is, door het integreren van kennis en ervaring uit andere (voorgaande) vakken, studenten via praktijkgerichte realistische projecten vaardigheid te laten opdoen met, zo mogelijk, het gehele traject van ontwerp tot en met bouw, lopende van de eventueel nog niet geheel vastliggende gebruikerswensen tot en met de oplevering van een werkend product, compleet met gebruikershandleiding en onderhoudsdocumentatie. Daarbij dient een projectmatig gefaseerde ontwikkelmethodiek gevolgd te worden.
Leerdoelen
Studenten kunnen
- in een ontwikkeltraject voor een compleet product, in een team met collega's en in een echte bedrijfssituatie meewerken.
- in overleg met de opdrachtgever een ontwikkelmethodiek kiezen en volgen en de hierbij horende producten en processen bijhouden.
- product kwaliteitseisen bepalen en toetsen.
- de resultaten van hun project uitleggen en presenteren.
Onderwijsvorm
Projectonderwijs, Problem-based learning, Practicum.
Literatuur en studiemateriaal
Niet van toepassing.
Toelatingseisen
Studenten krijgen slechts toestemming tot deelname aan het TI3806 Bachelorproject mits zij het propedeuse examen hebben behaald en alle vakken van het tweede jaar van het bachelorprogramma.
Wijze van toetsen
Toetsing vindt plaats aan het eind van het project aan de hand van het ingeleverde eindrapport, de ingeleverde code en de eindpresentatie.
Aanmelding
Studenten krijgen slechts toestemming tot deelname aan het TI3806 Bachelorproject mits zij het propedeuse examen hebben behaald en alle vakken van het tweede jaar van het bachelorprogramma.
Beoordeling
De begeleidend docent bepaalt na afloop van de eindpresentatie in overleg met de andere leden van de commissie de hoogte van het cijfer. Daarbij wordt rekening gehouden met:
- de omvang en de diepgang van de opdracht;
- het oriŽntatierapport (onderzoeksfase);
- de wijze waarop het project is uitgevoerd, d.w.z. de inzet van de studenten en hun functioneren (b.v. het nakomen van afspraken);
- de kwaliteit van het gemaakte product en de bijgeleverde documentatie en modellen;
- de vorm en de inhoud van het eindrapport;
- de eindpresentatie van het project.